direct naar inhoud van 4.7 Externe veiligheid
Plan: Jan Apeldoornweg 4
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG01009janapeldo4-A001

4.7 Externe veiligheid

Beleid en normstelling

Bij ruimtelijke plannen dient ten aanzien van externe veiligheid naar verschillende aspecten te worden gekeken, namelijk:

  • bedrijven waar opslag, gebruik en/of productie van gevaarlijke stoffen plaatsvindt;
  • vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, spoor of water en door buisleidingen.

In het externe veiligheidsbeleid wordt doorgaans onderscheid gemaakt tussen het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans per jaar dat een persoon op een bepaalde plaats overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen, indien hij onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven. Het PR wordt weergegeven met risicocontouren rondom een inrichting of langs een vervoersas. Binnen een bepaald invloedsgebied van een risicobron is een groepsrisico aanwezig. De norm voor het GR is een oriƫntatiewaarde. De gemeente heeft een verantwoordingsplicht als het GR toeneemt en/of de oriƫntatiewaarde overschrijdt.

Onderzoek en conclusie

In de omgeving van het plangebied komen geen risicovolle bedrijfsactiviteiten voor. Ook vindt er in de directe omgeving, volgens de risicokaart, geen vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg plaats. Er zijn ook geen buisleidingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen aanwezig. Het aspect externe veiligheid is daarom niet relevant voor het voorliggende bestemmingsplan.

In de omgeving van het plangebied bevinden zich enkele wegen waarover lokaal vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De Oosterweg wordt incidenteel gebruikt voor vervoer van gevaarlijke stoffen voor de bevoorrading van tankstation Van der Bosch op de hoek van de Kogendijk/Achterweg. Ook over de Van Blaaderenweg kan incidenteel vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvinden. De hoeveelheid vervoer van gevaarlijke stoffen over deze wegen is dusdanig gering en dusdanig incidenteel dat de PR contour niet buiten de weg is gelegen en het invloedsgebied niet ter zake doet. Daarnaast grenst het plangebied niet direct aan de wegen (respectievelijk op circa 40 en 20 m afstand) waardoor eventuele risico's worden verkleind. De aanwezigheid van de wegen staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.

Ten aanzien van de interne veiligheid (brandveiligheid) geldt dat alle objecten in het plangebied bereikbaar moeten zijn voor de brandweer. De rij route richting de objecten moet derhalve voldoende breed, hoog en sterk zijn. Gelet op de inrichting van de ontsluiting van het plangebied kan geconcludeerd worden dat alle woningen te bereiken zijn met een brandweervoertuig.