direct naar inhoud van 6.3 Ruimtelijke uitvoerbaarheid
Plan: Sportlaan 2-4 Schoorl
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG04001sport2tot4-B001

6.3 Ruimtelijke uitvoerbaarheid

In het pand aan de Sportlaan 2-4 te Schoorl worden, in plaats van een kantoor, zes appartementen gerealiseerd. De ontwikkeling is getoetst aan de verschillende aspecten die betrekking hebben op de ruimtelijke ordening. In deze toelichting is beschreven dat de ontwikkeling op stedenbouwkundig gebied en op het gebied van verkeer, milieu, water, ecologie en archeologie inpasbaar is in de omgeving.

Stedenbouwkundig gezien verandert er niet veel aan het gebouw. Aan de zijde van de Heereweg zullen twee kappen worden gerealiseerd, hetgeen veel terug te zien is in de omliggende bebouwing. Daarnaast zal de hoogte van het gebouw iets toenemen. Deze toename is met 7,5 m echter lager dan de maximale bouwhoogte van 10 m zoals in de omgeving wordt aangehouden. Omliggen panden zullen hier geen hinder van ondervinden. Bovendien is volgens het thans vigerende bestemmingsplan reeds een bouwhoogte van 10 m toegestaan, waardoor er planologisch gezien zelfs een lagere bouwhoogte wordt toegestaan.

Wat betreft verkeerslawaai dient in het kader van de Wet geluidhinder een hogere waardeprocedure te worden doorlopen. Er is hier namelijk sprake van een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde ten aanzien van de gezoneerde geluidsbron Heereweg/Sportlaan. Alle andere verkeerskundige aspecten staan de ontwikkeling van de woningen niet in de weg (zie § 4.1).

Ten aanzien van de milieuaspecten voldoet de ontwikkeling aan alle hiervoor gestelde eisen. Er is onderzoek gedaan naar de omliggende functies, de bodemkwaliteit, de externe veiligheid en de luchtkwaliteit ter plaatse. Op al deze aspecten is geconcludeerd dat er geen belemmeringen zijn voor de ontwikkeling van de zes woningen. Omdat er geen grondroerende werkzaamheden en grootschalige sloop- en nieuwbouw plaatsvindt, staan de aspecten ecologie en archeologie het bestemmingsplan ook niet in de weg. Wel dient in het kader van de Flora- en faunawet tijdens en na verbouwing rekening gehouden te worden met aangetroffen soorten. Wat betreft het aspect water dient ten slotte rekening gehouden te worden met de gescheiden aflevering van hemelwater. Dit dient niet op het gemengde riool te worden aangesloten maar te worden geïnfiltreerd in de bodem.