direct naar inhoud van 5.2 Bestemmingen
Plan: Hotel Merlet
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG04002merlet-C001

5.2 Bestemmingen

5.2.1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd die in de regels worden gehanteerd. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis.

Artikel 2 Wijze van meten

Dit artikel geeft aan hoe hoogte- en andere maten die bij het bouwen in acht genomen dienen te worden, gemeten moeten worden.

5.2.2 Juridische planbeschrijving

Artikel 3 Horeca

Het hotel in het plangebied krijgt de bestemming Horeca. Deze horecavestiging wordt in aansluiting op de bestaande horecaregeling positief bestemd, waarbij alleen horeca-activiteiten in categorieën (1a, 1b en 1c) zijn toegestaan vanwege het overwegende woonkarakter. De aanduiding op de verbeelding (1c) staat toe dat er horeca uit ten hoogste categorie 1c mogelijk wordt gemaakt. De bebouwing is alleen toegestaan binnen het bouwvlak. Binnen de bestemming Horeca zijn onder andere ook een terras, groen- en parkeervoorzieningen mogelijk. Omdat de ondergrondse parkeergarage gedeeltelijk buiten het bouwvlak ligt, is een bouwaanduiding opgenomen teneinde dit mogelijk te maken. In de algemene bouwregels zijn regels opgenomen ten behoeve van de goot- en bouwhoogte van de het gebouw. Deze staan op de verbeelding aangegeven. De goothoogte mag plaatselijk worden overschreden ten behoeve van een trappenhuis. Gebouwen moeten zijn afgedekt met een kap, mits op de verbeelding is aangegeven dat de nokhoogte hoger is dan de goothoogte. De kap dient een helling van tenminste 30° en ten hoogste 65° te hebben en mag worden onderbroken door een platte afdekking ter hoogte van de op de verbeelding aangegeven bouwhoogte. Ten slotte is aan de voorzijde (Duinweg) tegen de bestaande bebouwing aan, een nieuwe entree bedacht. Deze entree fungeert tevens als verbinding tussen de bestaande en de nieuwe bebouwing. De nieuwe entree is plat afgedekt en heeft een goot- en bouwhoogte van 5 m.

De hoogte van erf en terreinafscheidingen mag binnen het bouwvlak niet meer bedragen dan 2 m en buiten het bouwvlak niet meer bedragen dan 1 m. Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen niet meer dan 3 m bedragen.

Het bevoegd gezag kan middels een omgevingsvergunning afwijken van de categorieën zoals vermeld in de Staat van Horeca activiteiten, mits de bedrijvigheid naar aard en invloed op de omgevings past binnen de toegestane horeca-categorie.

Artikel 4 Waarde - Archeologie - III

De dubbelbestemming Archeologisch waardevol gebied is gehanteerd voor het gehele plangebied. Voor het plangebied geldt regime III (Waarde - Archeologie - III, Overig gebied). Er is qua naamgeving aangesloten op het bestemmingsplan Schoorl - kernen en buurtschappen.

In dit archeologieregime dient bij grondroerende werkzaamheden binnen een planomvang van 500 m² of groter met de aanwezigheid van archeologische waarden rekening gehouden te worden en een archeologisch vooronderzoek plaats te vinden.

In de regels van de dubbelbestemming is aangegeven wat is toegestaan binnen het archeologisch regime. Bouwen op gronden waarvoor het regime III geldt, is verboden voor bouwwerken groter dan 500 m². Hiervan kan worden afgeweken indien door middel van een archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn. Hetzelfde geldt voor een aantal werken en werkzaamheden.

5.2.3 Algemene regels

Artikel 5 Antidubbeltelregel

Het doel van de antidubbeltelbepaling is te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld.

Artikel 6 Algemene bouwregels

De op de verbeelding aangegeven bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen worden overschreden met kleine bouwdelen. In dit artikel is geregeld hoe groot de overschrijding mag zijn en onder welke voorwaarden.

Artikel 7 Uitsluiting aanvullende werking bouwverordening

Bij globale bestemmingsplannen bestaat de kans dat bij toetsing van bouwaanvragen sprake is van aanvullende werking van de bouwverordening, omdat het bestemmingsplan ter zake van de stedenbouwkundige bepalingen uit de bouwverordening (zoals rooilijnen) niets regelt. Deze aanvullende werking kan ongewenst zijn, omdat het bestemmingsplan met opzet globaal is gehouden ten aanzien van deze onderwerpen. Artikel 7 voorkomt dat bepalingen uit de bouwverordening alsnog van toepassing kunnen zijn.

Artikel 8 Algemene afwijkingsregels

Voor ondergeschikte afwijkingen van het bestemmingsplan is een algemene bevoegdheid tot afwijken opgenomen. De onderhavige regeling voorziet in verband met de gewenste duidelijkheid, in een objectieve begrenzing van het toepassingsbereik van de ontheffing.

Artikel 9 Algemene wijzigingsregels

In dit artikel is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen ten behoeve van kleine overschrijdingen van de bestemmingsgrenzen.

Artikel 10 Werking wettelijke regelingen

In de regels bij bestemmingsplannen wordt in een (toenemend) aantal gevallen met verwijzing naar een (andere) wettelijke regeling een procedure, begrip en/of functie uit die andere regeling van toepassing verklaard. Zo ook in dit bestemmingsplan.

Sinds jaar en dag mag van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRS) een bestemmingsplan slechts volgens de vereiste procedure van de Wro worden gewijzigd en heeft de Afdeling er bezwaren tegen dat een plan impliciet kan worden gewijzigd, zoals het geval kan zijn als zonder verdere aanduiding een van-toepassing-verklaring van een wettelijke regeling in de planregels is opgenomen.

Het is dan ook nodig dat verwijzingen naar toepasbare wettelijke regelingen worden gefixeerd, namelijk naar de tekst ervan zoals die op het moment van vaststelling van het plan gold. Wordt dit nagelaten dan bestaat het risico dat de ABRS een vastgesteld bestemmingsplan alsnog vernietigt.

5.2.4 Overgangs- en slotregel

Artikel 11 Overgangsrecht

In artikel 3.2.1. van het Bro zijn standaardregels opgenomen met betrekking tot het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik. Deze maken onderdeel uit van dit bestemmingsplan.

Artikel 12 Slotregel

Het laatste artikel van de regels betreft de citeertitel van het onderhavige bestemmingsplan.