direct naar inhoud van 4.2 Wegverkeerslawaai
Plan: Centrum - Beschermd Dorpsgezicht
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG03000bergbeschd-C001

4.2 Wegverkeerslawaai

Geluidszones langs wegen

Langs alle wegen bevinden zich ingevolge de Wet geluidhinder (Wgh) geluidszones, met uitzondering van woonerven en 30 km/h-gebieden. Binnen en rond het plangebied zijn 30 km/h-wegen aanwezig die op basis van hun snelheidsregime zijn gedezoneerd niet gezoneerd.

Binnen de geluidszone van een weg dient de geluidsbelasting aan de gevel van geluidsgevoelige bestemmingen aan bepaalde wettelijke normen te voldoen. De breedte van een geluidszone is afhankelijk van het aantal rijstroken en de ligging van de weg (binnen- of buitenstedelijk). De geluidszone ligt aan weerszijden van de weg, gemeten vanuit de kant van de weg. Onder stedelijk gebied wordt verstaan: 'het gebied binnen de bebouwde kom, doch met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen zone van een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens' (artikel 1 Wgh). Het plangebied is gelegen binnen de geluidszone van de Dreef. De Dreef heeft een binnenstedelijke ligging, twee rijstroken en een maximumsnelheid van 50 km/h. Derhalve bedraagt de omvang van de geluidszone 200 m aan weerszijden en aan de kopse kant van de weg.

Normstelling

Voor de geluidsbelasting aan de buitengevels van woningen binnen de wettelijke geluidszone van een weg geldt een voorkeursgrenswaarde. Voor nieuwe situaties (nieuwe wegen of nieuwe woningen) bedraagt deze 48 dB.

De voorkeursgrenswaarde mag in principe niet worden overschreden. Indien uit het akoestisch onderzoek blijkt dat deze voorkeursgrenswaarde wel wordt overschreden, zijn maatregelen noodzakelijk, gericht op het verminderen van de geluidsbelasting aan de gevel. Onderscheid wordt gemaakt in maatregelen aan de bron (bijvoorbeeld geluidsreducerend asfalt), maatregelen in het overdrachtsgebied (bijvoorbeeld geluidsschermen), maatregelen aan de geluidsontvanger (bijvoorbeeld geluidsdove gevels) of het vergroten van de afstand tussen de geluidsbron en de ontvanger.

Zijn deze maatregelen onvoldoende doeltreffend, dan wel ontmoeten deze maatregelen overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard, dan kan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen hogere waarden vaststellen. Deze hogere waarden mogen, afhankelijk van de situatie, een bepaalde waarde niet te boven gaan (uiterste grenswaarde). De uiterste grenswaarde voor nieuwe geluidsgevoelige functies langs bestaande binnenstedelijk gelegen wegen bedraagt 63 dB.

Aftrek ex artikel 110g Wet geluidhinder

Krachtens artikel 110g van de Wet geluidhinder mag het berekende geluidsniveau van het wegverkeer worden gecorrigeerd in verband met de verwachting dat motorvoertuigen in de toekomst stiller zullen worden. Voor wegen met een snelheid lager dan 70 km/h geldt een aftrek van 5 dB. Voor wegen met een maximumsnelheid van 70 km/h of meer geldt een aftrek van 2 dB. Op alle in deze rapportage genoemde geluidsbelastingen ten gevolge van gezoneerde wegen is deze aftrek toegepast, tenzij anders vermeld.

30 km/h-wegen

Zoals uit het voorgaande kan worden geconcludeerd geldt voor wegen, die zijn ondergebracht in een 30 km/h-gebied, geen wettelijke geluidszone en is langs deze wegen akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai in nieuwe situaties op grond van de Wgh niet verplicht. Op basis van jurisprudentie dient in het kader van een goede ruimtelijke ordening echter aannemelijk te worden gemaakt dat sprake is van een aanvaardbaar geluidsniveau. Indien dit niet aannemelijk is, dient te worden onderbouwd of maatregelen ter beheersing van de geluidsbelasting aan de gevels noodzakelijk, mogelijk en doelmatig zijn. Omdat er voor 30 km/h-wegen geen wettelijke normen bestaan, wordt aangesloten bij een kwalitatieve benadering van de geluidsbelasting ten gevolge van 30 km/h-wegen. In het kader hiervan wordt aangesloten bij de Gezondheidseffectscreening (GES) van de Ministeries van VWS en VROM, opgenomen in het hogere waardebeleid van de Milieudienst regio Alkmaar (MRA)8. Voor 30 km/h-wegen wordt geen correctie toegepast conform artikel 110g van de Wgh, omdat niet wordt aangesloten bij de Wgh. Op basis van de GES-kwalificatie wordt de geluidsbelasting van 30 km/h-wegen aan de hand van de in onderstaande tabel weergegeven klassen beoordeeld.

Tabel 4.1 GES-kwalificatie

geluidsbelasting Lden in dB*   GES-kwalificatie  
< 43   zeer goed  
43 – 48   goed  
48 – 53   redelijk  
53 – 58   matig  
58 – 63   zeer matig  
63 – 68   onvoldoende  
68 – 73   ruim onvoldoende  
> 73   zeer onvoldoende  

* exclusief correctie ex artikel 110g Wgh

In het beleid van de MRA wordt aan de hand van deze klassen aangegeven in hoeverre nader onderzoek naar geluidsreducerende maatregelen noodzakelijk is.

Resultaten akoestisch onderzoek

Het akoestisch onderzoek voor onderhavig bestemmingsplan is uitgevoerd door de Milieudienst regio Alkmaar9 (zie bijlage 4) volgens Standaard Rekenmethode II conform het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2006. Voor de berekeningen is voor de betreffende wegen uitgegaan van de verkeersgegevens zoals weergegeven in tabel 2.2 van paragraaf 2.7.5 van dit bestemmingsplan. Er is gerekend voor het prognosejaar 2025.

In hoofdstuk 5.2.2 worden nieuwe ontwikkelingen beschreven. Ten aanzien van een aantal ontwikkelingen is er sprake van nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen. Het betreft onder andere een nieuwe woonfunctie aan de Kleine Dorpsstraat. Verder worden binnen de bestemming Gemengd tevens woonfuncties toegestaan. Het gaat hierbij om wonen op de verdieping of een volledige woonfunctie. Deze woonfuncties zijn echter reeds mogelijk.

Gezoneerde wegen

De nieuwe geluidsgevoelige ontwikkelingen liggen deels binnen de geluidszone van de Dreef. De Dreef heeft een maximumsnelheid van 50 km/h en derhalve gezoneerd. De geluidszone bedraagt 200 m aan weerszijden en aan de kopse kant van de weg en ligt derhalve over het plangebied. Er zijn verder geen andere relevante gezoneerde wegen, waarvan de zone over het plangebied ligt. De minimale afstand tot de Dreef bedraagt 140 m. De 48 dB-contour ligt op 50 m uit de wegas. Uit figuur 9 uit de bijlage van het akoestisch onderzoek van de MRA blijkt tevens dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB ten gevolge van het verkeer op de Dreef niet over het plangebied heen ligt. Derhalve is er geen sprake van een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde van een gezoneerde weg en is een hogere waardeprocedure niet aan de orde.

Niet gezoneerde wegen

Verder liggen de ontwikkelingen binnen het invloedsgebied van diverse niet-gezoneerde 30 km/h-wegen. Hieronder zal een beoordeling worden gegeven van de geluidsbelasting van deze wegen op basis van de in tabel 4.1 weergegeven GES-kwalificatie.

Aan de Kleine Dorpsstraat 4 wordt de mogelijkheid geboden 11 nieuwe woningen te realiseren. Op basis van figuur 2 en 8 uit de bijlage van de rapportage van de MRA blijkt dat de 48 dB-contour van de Kerkstraat respectievelijk de Raadhuisstraat niet over de locatie ligt en dat het akoestisch klimaat ten gevolge van deze wegen als goed wordt beschouwd. Verder ligt de locatie binnen de invloedsfeer van de Fransche Steeg en de Kleine Dorpsstraat. Deze wegen hebben een ondergeschikte functie en hebben een lage intensiteit die op basis van de omliggende wegen en de wegfunctie wordt ingeschat op 500 mvt/etmaal. Gezien deze lage intensiteit is voor deze wegen geen akoestische berekening gemaakt op basis van de Standaard Rekenmethode II. Uit een aanvullende SRM I-berekening blijkt dat de geluidsbelasting maximaal 57 dB (exclusief correctie artikel 110g Wgh) bedraagt en als matig wordt beschouwd. Het betreft hier echter een invulling binnen de bestaande stedenbouwkundige opzet. Een grotere afstand tot de weg is hierdoor niet mogelijk. De aanvullende SRM I-berekening is opgenomen in bijlage 5 van dit bestemmingsplan.

Verder worden nieuwe woningen mogelijk gemaakt aan de Oude Prinsweg 1. Deze locatie ligt niet binnen de geluidszone van een gezoneerde weg. Wel ligt de locatie binnen de invloedssfeer van 30 km/h-wegen, zoals de Dorpsstraat, Hoflaan en Raadhuisstraat. De geluidsbelasting ten gevolge van de Dorpsstraat en de Hoflaan bedraagt maximaal 58 dB. Ten gevolge van de Kerkstraat bedraagt de geluidsbelasting maximaal 63 dB en wordt op basis van tabel 4.1 als (zeer) matig beschouwd. Het is echter niet mogelijk om de afstand tot de weg te vergroten, omdat het een bestaand pand betreft. Bovendien is in de huidige situatie reeds een woning aanwezig.

De overige incidenteel nieuw toe te voegen woonfuncties liggen verspreid binnen het plangebied en zijn op basis van het vigerende bestemmingsplan reeds mogelijk.

In onderstaande tabel zijn de contourafstanden opgenomen van de relevante 30 km/h-wegen binnen het plangebied die door de MRA zijn onderzocht. Het betreft hier de geluidsbelasting exclusief correctie ex artikel 110g van de Wgh, omdat 30 km/h-wegen formeel niet getoetst worden aan de Wgh.

Tabel 4.2 Contourafstanden 30 km/h-wegen

  48 dB   53 dB   58 dB   geluidsbelasting eerstelijns bebouwing  
Breelaan (tussen Plein en Raadhuisstraat)   120   80   45   68 dB  
Dorpsstraat   60   37   15   63 dB  
Plein   100   60   40   67 dB  
Plein (Doorbraak)   63   38   26   61 dB  
Hoflaan   60   40   20   59 dB  
Raadhuisstraat   70   50   30   63 dB  

Uit bovenstaande tabel blijkt dat er in het gehele plangebied over het algemeen een hoge geluidsbelasting heerst aan de gevels van de eerstelijns bebouwing.

Maatregelen ter reductie van de geluidsbelasting

De geluidsbelasting aan de gevels van de nieuwe ontwikkelingen kan worden gereduceerd door maatregelen aan de bron of in het overdrachtsgebied. Er is een aantal maatregelen aan de bron denkbaar. De eerste mogelijkheid is het beperken van de verkeersomvang, de snelheid of wijziging van de samenstelling van het verkeer. Onderhavige wegen zijn gecategoriseerd als erftoegangsweg binnen de bebouwde kom en kennen een maximumsnelheid van 30 km/h. Een verlaging van de maximumsnelheid is niet mogelijk. Het beperken van de verkeersomvang is eveneens niet mogelijk. Gezien de functie van de wegen kan worden gesteld dat vooral bestemmingsverkeer van deze wegen gebruikmaakt. Derhalve is beperking van de verkeersomvang niet mogelijk. Verder blijkt uit tabel 2.2 dat het percentage (zwaar) vrachtverkeer laag is. Een verdere verlaging van dit percentage is niet mogelijk.

Verder zijn onderhavige wegen van belang voor de bereikbaarheid van het centrum van Bergen. De verkeersfunctie dient ten behoeve van een goede bereikbaarheid te worden behouden. Het verlagen van de maximumsnelheid, beperken van de verkeersomvang of wijzigen van de samenstelling van het verkeer is niet mogelijk of stuit op overwegende bezwaren van verkeers- en vervoerskundige aard.

Een andere maatregel aan de bron is het toepassen van een geluidsreducerende wegdekverharding. Omdat het om enkele incidentele nieuwe ontwikkelingen gaat, stuit het toepassen van geluidsreducerende wegdekverharding vanwege de hoge kosten op overwegende bezwaren van financiële aard. Bovendien past het toepassen van asfaltverharding niet binnen het beeld van een verblijfsgebied en binnen de karakterisering van het centrum van Bergen. Daarom stuit een dergelijke maatregel tevens op bezwaren van verkeerskundige en stedenbouwkundige aard. Wel kan bij herbestrating worden overwogen om stille betonstraatstenen toe te passen. Hierdoor kan een geluidsreductie van 5 dB ten opzichte van standaard elementenverharding worden bereikt.

Maatregelen in het overdrachtsgebied in de vorm van geluidsafschermende voorzieningen (scherm of wal) stuiten op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige aard. Dergelijke geluidsafschermende voorzieningen zijn in binnenstedelijk gebied vrijwel niet stedenbouwkundig inpasbaar. Bovendien zijn de geluidsafschermende voorzieningen onvoldoende doeltreffend. Doordat de geluidsafschermende voorziening dient te worden onderbroken ter plaatse van de kruisende wegen en van de perceelaansluitingen, wordt het effect van de afscherming voor een belangrijk deel teniet gedaan. Ook stuit een geluidsafschermende voorziening op overwegende bezwaren van financiële aard vanwege de hoge kosten.

Verder is het vergroten van de afstand tot de weg niet mogelijk. Het gaat met name om bestaande panden die getransformeerd worden naar wonen. Eventuele nieuwe panden dienen ingepast te worden in de stedenbouwkundige structuur, waardoor een grotere afstand tot de weg niet wenselijk is.

Om toch een aanvaardbare akoestische situatie te creëren, dient bij nieuwe geluidsgevoelige functies aandacht te worden besteed aan de inrichting van de woningen. Daarbij dient een eventuele buitenruimte en de slaapkamers aan de geluidsluwe zijde van de woning te worden gesitueerd. Verder kan bij een geluidsbelasting hoger dan 63 dB overwogen worden om een dove gevel te realiseren aan de naar de weg toegekeerde zijde.

Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat redelijkerwijs geen maatregelen mogelijk zijn om de geluidsbelasting op de gevel van de ontwikkelingen te reduceren. Ten gevolge van de gezoneerde Dreef is er geen sprake van overschrijding van de voorkeursgrenswaarde. Een hogere waardeprocedure voor nieuwe geluidsgevoelige functies kan derhalve achterwege blijven.

Ten gevolge van 30 km/h-wegen is er over het algemeen sprake van een hoge geluidsbelasting. De nieuwe woonfunctie Kleine Dorpsstraat 4 en Oude Prinsweg 1 kent een (zeer) matig akoestisch klimaat. Verder zijn incidentele nieuwe geluidsgevoelige ontwikkelingen binnen het plangebied mogelijk; deze mogelijkheid bestaat echter al op basis van het vigerende bestemmingsplan. Beargumenteerd is dat maatregelen ter reductie van de geluidsbelasting niet mogelijk of doelmatig zijn. Bij het realiseren van nieuwe geluidsgevoelige functies dient daarom een zorgvuldige afweging te worden gemaakt van de situering van de slaapkamers en de buitenruimten. Verder kan overwogen worden een dove gevel toe te passen. In alle situaties dient de wettelijke binnenwaarde van 33 dB te worden gewaarborgd. Alleen onder die voorwaarden kan er voor deze specifieke centrumsituatie gesproken worden over een aanvaardbaar akoestisch klimaat. Overigens kan bij herbestrating nog overwogen worden om stille betonstraatstenen toe te passen, welke een geluidsreductie van 5 dB opleveren ten opzichte van standaard elementenverharding.