direct naar inhoud van 2.3 Beoogde ontwikkeling
Plan: Jan Apeldoornweg 4
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG01009janapeldo4-B001

2.3 Beoogde ontwikkeling

De bedrijfsactiviteiten in het plangebied zullen worden verplaatst naar het MAG-complex in Egmond. Dat betekent dat de gronden beschikbaar komen voor een nieuwe functie. Het initiatief ligt voor, om het plangebied te transformeren naar een woningbouwlocatie. In totaal zullen hier maximaal 17 woningen gerealiseerd worden. Conform gemeentelijk beleid, zal 40% hiervan worden gerealiseerd in de sociale huur- of koopsector.

Door het plangebied komt een ontsluitingsweg, die zowel aansluit op de Van Blaaderenweg en de Jan Apeldoornweg. Deze weg krijgt een smalle rijbaan (ca. 3,5 meter). Omdat de woningen relatief diepe voortuinen, ontstaat wel een breed en groen profiel. Deze weg is vanzelfsprekend ook geschikt als calamiteitenroute. Door de vorm van het plangebied zijn de uit te geven kavels relatief ondiep. Om echter de gewenste uitstraling van een groen tuindorp te krijgen, zijn de kavels, met name nabij de aansluiting op de Jan Apeldoornweg, breder gemaakt.

Het initiatief gaat uit van een mix van woningtypen: vrijstaande woningen, twee-onder-één-kapwoningen en geschakelde woningen (eventueel gestapeld). Alle bebouwing wordt gerealiseerd in één of twee bouwlagen met een kap. De maximale bouwhoogte van de beoogde ontwikkeling zal ten hoogste 10 meter bedragen.

Om ervoor te zorgen, dat de bebouwing niet te massaal wordt, worden (planologische) eisen gesteld aan de omvang van de woning en de positie op de kavel. Zo mag een hoofdgebouw, met een dwarskap niet breder zijn dan 8 meter en een woning met een langskap niet meer bedragen dan 10 meter. Ook zijn minimale afstanden opgenomen tot de zijdelingse en achterste perceelsgrens (respectievelijk 3 en 5 meter).

Aansluiting directe omgeving

Het plan is zo ontworpen, dat het aansluit bij de aangrenzende woongebieden (zie ook paragraaf 2.2). Deze kenmerken zich door een mix van woningen met variërende woningtypes en een afwisselende bebouwing in een groene setting. De beoogde ontwikkeling past door zijn eigen variërende opzet binnen deze mix aan variërende woningen. In deze paragraaf wordt nader ingegaan op de inpassing op de Jan Apeldoornweg en de Van Blaaderenweg.

De Jan Apeldoornweg heeft een relatief smalle rijbaan. Er is geen trottoir. De rooilijn ligt echter terug, waardoor het profiel breder is. Door de smalle rijbaan is er meer ruimte voor openbaar groen en voortuinen, waardoor deze straat een groene uitstraling heeft. Hetzelfde geldt voor de Filarskiweg, ten zuiden van het plangebied. Aan beide straten staat lintbebouwing op relatief smalle percelen. Alle bebouwing staat echter in de rooilijn en is afgedekt is met een kap. De goot ligt in de meeste gevallen op zo'n 3,5 meter. Dit draagt bij aan het kleinschalige karakter. De kaprichting varieert. In het algemeen staat de kap van vrijstaande woningen loodrecht op de straat. Door de smalle percelen, zijn dit de voor Bergen kenmerkende puntdaken. Bij geschakelde woningen is de kaprichting meestal evenwijdig aan de straat. De huidige bebouwing in het plangebied past eigenlijk niet in de schaal en uitstraling van dit tuindorp.

afbeelding "i_NL.IMRO.0373.BPG01009janapeldo4-B001_0006.png"

Afbeelding 2.1: profiel Jan Apeldoornweg (bron: Google maps)

De Van Blaaderenweg heeft een breed profiel, bestaande uit een hoofdrijbaan, een groenstrook en een parallelweg aan de zijde van het plangebied. De groenstrook is een relict van een trambaan die hier ooit lag. Aan de zuidzijde staan vrijstaande woningen. Deze zijn afgedekt met een kap, loodrecht op de straat, met een goothoogte van circa 3,5 meter ligt. Aan de noordzijde staan appartementengebouwen in twee lagen. Deze liggen in bouwstroken en hebben een kap, waarbij de goot op 6 meter ligt. Verder ligt hier de bebouwing van een verzorgingstehuis. Deze bebouwing hiervan bestaat uit 4 lagen en is plat afgedekt. Rondom deze bebouwing ligt veel openbare ruimte. Dit gebied heeft daarmee een andere maat en uitstraling dan het gebied ten zuiden van de Van Blaaderenweg.

afbeelding "i_NL.IMRO.0373.BPG01009janapeldo4-B001_0007.png"

Afbeelding 2.2: profiel Van Blaaderenweg (bron: Google maps)

De invulling van het plangebied sluit aan bij de karakteristieken van de Jan Apeldoornweg. In eerste instantie door te kiezen voor een smalle rijbaan. De woningen krijgen ruime voortuinen, waardoor een ruim en groen profiel ontstaat. Bovendien is gekozen voor een relatief lage dichtheid. Binnen het gebied is een goothoogte van maximaal 4 meter en een nokhoogte van maximaal 10 meter toegestaan voor de vrijstaande en twee-aaneengebouwde woningen. Hierdoor wordt de mogelijkheid geboden ook hier de karakteristieke puntdaken te realiseren. Het plangebied zal daarmee de uitstraling van een tuindorp krijgen. Dit wordt verder geaccentueerd, door de straat lichte bochten te geven.

Richting de Van Blaaderenweg reageert de beoogde bebouwing op het brede profiel van de weg en de bebouwing aan de overzijde van de weg. Hier is een bouwstrook voorzien. Daarbij wordt de mogelijkheid geboden deze te ontwikkelen als rijtje van circa 7 geschakelde woningen of als appartementenblokje. De kenmerkende bomenrijen op de erfgrenzen in dit deel van het plangebied worden behouden. Hiermee wordt geborgd dat de bebouwing groen ingepast wordt in de bestaande omgeving.