direct naar inhoud van 4.2 Verkeer en infrastructuur
Plan: Landelijk Gebied Zuid
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG09000landgebzui-B001

4.2 Verkeer en infrastructuur

Ontsluiting gemotoriseerd verkeer

Het verkeer binnen het plangebied kent, naast het utilitaire verkeer tussen de verschillende kernen, een duidelijke recreatief karakter. De wegen binnen het plangebied hebben een belangrijke functie voor de bereikbaarheid van de kustplaatsen Bergen aan Zee en Egmond aan Zee en de toeristische kustgebieden. De verkeersdruk binnen het plangebied kan daardoor in het zomerseizoen hoog zijn. De belangrijkste gebiedsontsluitingswegen binnen het plangebied (N511 en N512) kunnen dit verkeer verwerken. Vanuit de Structuurvisie wordt wel geambieerd de plattelandswegen een meer autoluw karakter te geven, waardoor er meer ruimte ontstaat voor de fiets.

De belangrijkste dragers van de infrastructuur binnen het plangebied zijn de provinciale wegen N511 en N512. De N512 vormt daarmee de belangrijkste route, welke Castricum via Egmond-Binnen en Egmond aan den Hoef met Alkmaar verbindt en daar aansluit op de Rijksweg N9 (Den Helder - Alkmaar). De N512 heeft daarmee een belangrijke functie voor de bereikbaarheid van het zuidelijk deel van de gemeente en het landelijk gebied. De N511 sluit ter hoogte van Egmond aan den Hoef aan op de N512 en voert in noordelijke richting naar Bergen en Bergen aan Zee. Vanaf Egmond aan den Hoef is tevens de kern Egmond aan Zee bereikbaar. Beide wegen hebben hoofdzakelijk een maximumsnelheid van 60 km/h en beschikken over vrijliggende fietspaden. De N512 is ingericht conform de basiskenmerken van een gebiedsontsluitingsweg, de N511 is deels ingericht conform de basiskenmerken van een erftoegangsweg en deels van een gebiedsontsluitingsweg. Andere belangrijke wegen binnen het plangebied zijn de Bergerweg, Heilooër Zeeweg (Egmond aan den Hoef Heiloo) en de Egmonderstraatweg (Egmond aan den Hoef - Egmond aan Zee). De ontsluiting voor het gemotoriseerd verkeer is goed.

Ontsluiting fietsverkeer

Het fietsverkeer heeft langs de hoofdontsluitingsstructuur (N511, N512, Heilooër Zeeweg en Egmonderstraatweg) de beschikking over vrijliggende fietspaden. Daarmee voldoen deze wegen aan de richtlijnen van Duurzaam Veilig en de basiskenmerken voor deze wegtypen. Daarnaast zijn de plattelandswegen die door het plangebied lopen van belang voor de ontsluiting van het fietsverkeer, waarbij het de ambitie is om deze wegen fietsvriendelijker te maken. Diverse plattelandswegen maken onderdeel uit van het landelijke fietsknooppuntennetwerk, zoals de Vennewatersweg, het Zomerdijkje, de Krommedijk en de Egmondermeer. De Vennewatersweg beschikt over vrijliggende fietspaden. De fietsstructuur binnen het plangebied is goed en wordt vanuit de ambities van de Structuurvisie verder verbeterd.

Ontsluiting openbaar vervoer

Door en langs het plangebied voert een aantal busdiensten. De belangrijkste streekbusdienst door het plangebied verbindt Castricum met Alkmaar en loopt in grote lijnen via de N512 en de kernen Egmond-Binnen en Egmond aan den Hoef met een frequentie van 1-2x per uur per richting. Daarnaast rijdt er een aantal buurtbussen door het plangebied welke tevens de kernen Egmond aan Zee en Bergen aan Zee ontsluiten. In Castricum en Alkmaar kan worden overgestapt op het landelijke treinnetwerk. De ontsluiting per openbaar vervoer is redelijk.

Verkeersveiligheid

De gebiedsontsluitingswegen zijn ingericht conform de richtlijnen van Duurzaam Veilig. Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid in verband met veel erfaansluitingen, is de maximumsnelheid op deze wegen hoofdzakelijk 60 km/h. Fietsers hebben veelal een eigen plaats op de weg. Op erftoegangswegen wordt fietsverkeer gemengd met het gemotoriseerd verkeer afgewikkeld. Sommige erftoegangswegen beschikken over vrijliggende fietspaden. Daarnaast zijn er veel solitaire fietsvoorzieningen binnen het plangebied. De verkeersveiligheid is in voldoende mate gewaarborgd.

Nieuwe ontwikkelingen

Het bestemmingsplan is hoofdzakelijk consoliderend van aard en staat nieuwe ontwikkelingen niet direct toe. Wel worden veelal via een afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid neven- en vervolgfuncties toegestaan bij agrarische bedrijven. Deze functies zullen niet leiden tot een significante toename van de verkeersdruk op de omliggende wegen, omdat de verkeersgeneratie van de ontwikkelingen beperkt zal zijn. Bij de uitwerking van de afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid dient dit nader aangetoond te worden. De parkeerbehoefte van nieuwe functies dient in principe op eigen terrein te worden opgevangen. Daarbij moet voldaan worden voldaan aan de Notitie Ruimtelijk Parkeerbeleid 2009 van de gemeente Bergen.