direct naar inhoud van 2.2 Ruimtelijke karakteristiek
Plan: Kernen Egmond
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0373.BPG10000kernenegmd-B001

2.2 Ruimtelijke karakteristiek

De ruimtelijke karakteristiek van het plangebied wordt hierna beschreven en in beeld gebracht aan de hand van het bebouwingspatroon, de groenstructuur en de voorkomende cultuurhistorische waarden.

2.2.1 Bebouwingspatroon

Voor het analyseren en beschrijven van het bebouwingspatroon wordt in hoofdlijnen aangesloten bij de gebiedsindeling van de welstandsnota. Het plangebied bestaat uit drie verschillende kernen, dat haar eigen bebouwingspatroon en karakter heeft dat weer onder te verdelen is in verschillende deelgebieden. De volgende deelgebieden (zie figuur en tabel 2.1.) worden onderscheiden:

afbeelding "i_NL.IMRO.0373.BPG10000kernenegmd-B001_0002.png"

Figuur 2.1 Deelgebieden

Tabel 2.1.: Deelgebieden

Egmond aan Zee   I Noordelijke uitbreiding  
  II Zuidelijke uitbreiding  
  III Lintbebouwing  
Egmond aan den Hoef   IV Beschermd Dorpsgezicht  
  V Lintbebouwing  
  VI Plan Mosselaan  
  VII Plan Slot  
  VIII Bedrijventerrein  
  XV Landelijk gebied  
Egmond-Binnen   IX Dorpskern  
  X Zuidelijke uitbreiding  
  XI Westelijke uitbreiding  
  XII Bijzondere uitbreiding  
  XIII Lintbebouwing  
  XIV Noordelijke uitbreiding  
  XV Landelijk gebied  

Egmond aan Zee

I Noordelijke uitbreiding

De noordelijke uitbreiding van Egmond aan Zee wordt aan de noordzijde begrensd door het Noord-Hollandse Duinreservaat. De Nollenweg vormt de oostgrens van het gebied. De Wilhelminastraat vormt de zuidgrens van het gebied. Aan de westzijde grenst het gebied aan de kustbebouwing.

Het gebied is een woonwijk die in de jaren dertig, vijftig, zestig, zeventig en tachtig planmatig tot stand is gekomen. Incidenteel zijn er de afgelopen jaren vrijstaande woningen toegevoegd. Het overgrote deel van de woonbebouwing bestaat uit rijwoningen. Daarnaast komen er appartementengebouwen van twee en meer verdiepingen voor met zowel platte daken als kappen. Rond de Dennenlaan staan daarentegen voornamelijk vrijstaande woningen. De rijwoningen staan per blok in de rooilijn, terwijl de woonblokken onderling verspringen. De woningen zijn vrij dicht op de weg en dicht op elkaar gebouwd, waardoor er een besloten karakter ontstaat. Het besloten karakter wordt ondersteund door het redelijk groene karakter van de wijk, dat grotendeels ontstaat door de beplanting in de voortuinen. Verder staat er een sporthal in het gebied en zijn er sportvoorzieningen (tennispark, zwembad en voetbalveld) en voormalige kindertehuizen die nu een andere functie hebben.

De woonbebouwing bestaat veelal uit twee bouwlagen met een kap. De kapvorm en –richting varieert. Per bouwblok is deze echter weer gelijk. De entrees van de woningen zijn op de straat gericht. Aan- en bijgebouwen zijn aan de voor- en achterzijde van de woningen geplaatst.

II Zuidelijke uitbreiding

De zuidelijke uitbreiding van Egmond aan Zee wordt aan de westzijde begrensd door de kustbebouwing en de Kennedyboulevard. De Zeeweg (in de vorm van de dorpsbebouwing van Egmond aan Zee) vormt de noordgrens van het gebied. De begrenzing wordt aan de oostzijde gevormd door de Plevierenlaan en in het zuiden door de Churchilllaan. Het Noord-Hollands Duinreservaat grenst tevens aan de oost- en zuidzijde van het gebied.

Het gebied is een woonwijk die in de jaren zestig, zeventig en tachtig is gebouwd. Incidenteel zijn er de afgelopen jaren in het noordelijk deel, grenzend aan de dorpskern, nieuwe woningen toegevoegd. Het gebied bestaat uit woningen aan woonstraten in een rechtlijnige opzet met strakke rooilijnen. De strakke stedenbouwkundige opzet van de bebouwing, de directe oriëntatie van de woningen op de straat en de parkeervoorzieningen op straat leiden tot een versteend aanzicht van het gebied. De bebouwing is vrij dicht op elkaar en dicht op de weg gebouwd. Hierdoor krijgt het gebied een besloten karakter. Opvallend kenmerk in het gebied is dat een groot deel van de woningen bewust is ontworpen met zomerhuisjes in de achtertuin, als extra inkomsten voor de bevolking. Grenzend aan deze woonwijk is hotel Zuiderduin gelegen. Het grootschalige karakter van het hotel wordt verzacht door de nabij gelegen kleinschalige woonbebouwing. Aan de oostkant van het gebied zijn een aantal nieuwe appartementencomplexen gebouwd.

De gebouwtypen variëren: rijwoningen, appartementen en een beperkte hoeveelheid vrijstaande woningen. De rijwoningen bestaan voornamelijk uit twee bouwlagen en een kap; appartementen zijn veelal in grote complexen gesitueerd. De bebouwing is afwisselend met lengterichting of haaks op de weg geplaatst. Toch zijn de entrees in veel gevallen op de straatzijde georiënteerd. De kapvorm en kaprichting van de bebouwing varieert. De appartementen hebben een balkon aan de voorzijde van de woning. De rijwoningen hebben een dakkapel aan zowel de voor- als achterzijde van de woning. In de achtertuinen van deze woningen is meestal een bijgebouw geplaatst.

III Lintbebouwing

Het gebied bestaat uit de bebouwing aan weerszijden van een gedeelte van de Voorstraat, de invalsweg van Egmond aan Zee en ligt ten oosten van de dorpskern. Het gebied loopt aan de westkant tot aan de Prins Hendrikstraat en de Trompstraat. Aan de zuidzijde grenst het aan de duinen en aan de oostkant aan de Pieter Schotmanstraat. De noordelijke uitbreiding van Egmond aan Zee vormt de noordgrens van het gebied.

De oorspronkelijke bebouwing is veelal in de periode 1900-1940 tot stand gekomen. De bebouwing, zowel vrijstaande woningen als appartementen, is meestal in de rooilijn gebouwd. Op sommige plekken verspringt deze rooilijn. De bebouwing is redelijk dicht op elkaar en dicht op de rooilijn gebouwd, waardoor er een besloten karakter ontstaat. Dit besloten karakter wordt versterkt doordat de bebouwing met de entrees op de straat is georiënteerd. Opvallend element in het gebied is de Prins Hendrik Stichting, een oorspronkelijk rusthuis voor oud-zeelieden. Dit gebouw is prominent in het gebied aanwezig, zowel qua grootte als qua architectuur. Aan de Pieter Schotmanstraat zijn de gemeentewerf en een klein bedrijventerrein.

Egmond aan den Hoef

IV Beschermd Dorpsgezicht

Het beschermd dorpsgezicht van Egmond aan den Hoef wordt aan de noordzijde begrensd door de Prinses Beatrixlaan. Aan de oostkant loopt de grens op het grensvlak tussen het bebouwd en onbebouwd gebied. Ten zuiden wordt het gebied begrensd door de Julianaweg. De achtertuinen van de Schoolstraat, het gebied ten zuiden van de Slotweg en de Prinses Marijkelaan vormen de westgrens van het gebied.

Egmond aan den Hoef heeft zijn ontstaan te danken aan het kasteel van Egmond. De ruïne en de omliggende oude bebouwing zijn van cultuurhistorische waarde. Op 11 juni 1970 heeft de omgeving van het slot de status van beschermd dorpsgezicht gekregen. Over het algemeen staat de gevarieerde bebouwing dicht op de weg, dicht naast elkaar en in een vrij strakke rooilijn. Hierdoor krijgt het gebied een vrij besloten karakter. De ruïne heeft een belangrijke maatschappelijke, culturele en toeristische functie. De ruïne, de gracht en het nabijgelegen park worden voor recreatieve doeleinden gebruikt. In het park is een speelplek opgenomen. De bomen rondom de kerk, het kerkhof en de ruïne, de bomenrijen langs de Slotweg en de open ruimten voor agrarisch gebruik zijn beeldbepalend voor het dorpsbeeld.

De meeste gebouwen binnen het beschermd dorpsgezicht hebben een woonfunctie. In het gebied komen voornamelijk vrijstaande woningen voor. De bebouwing bestaat met name uit woningen met één laag en een kap. De kapvorm en –richting van de gebouwen varieert enorm. De entree bevindt zich veelal aan de voorzijde van de woning. Aan- en uitbouwen bevinden zich meestal aan de achterzijde van de bebouwing.

V Lintbebouwing

Het lint van Egmond aan den Hoef beslaat een gedeelte van de lintbebouwing van de Herenweg, de bebouwing rondom de Egmonderstraatweg (inclusief de geplande locatie voor het winkelcentrum De Waard ten zuiden van de Egmonderstraatweg).

Het gebied kent een lineaire bebouwide oorspronkebebouwing zijn er in de loop van de jaren nieuwe woningen toegevoegd. De bebouwingsvormen variëren haanzienlijk. De bebouwing is dicht op elkaar en dicht op de weg geplaatst, waardoor het gebied een redelijk besloten karakter krijgt. Doorzichten richting het achterland enerzijds en de achterliggende bebouwing anderzijds zijn er nauwelijks.

Langs de Egmondstraatweg bestaat de bebouwing grotendeels uit woningbouw, terwijl er langs de Herenweg sprake is van een gemengd functiepatroon met woningen en winkels als een bakker en een slager. De bebouwing bestaat naast winkels voornamelijk uit vrijstaande woonhuizen, boerderijen en twee-onder-één-kappers. Aan het lint van de Herenweg is er bovendien een rijtje woningen met een afwijkende bebouwingsvorm en kleurstelling toegevoegd. De woningen zijn zowel evenwijdig aan de weg als haaks op de weg geplaatst. Hierdoor varieert de kaprichting. De opbouwen zijn voornamelijk aan de voor- en zijkant van de bebouwing geplaatst; de bijgebouwen aan de zijkant van de bebouwing.

VI Plan Mosselaan

Plan Mosselaan is de meest recente uitbreiding van Egmond aan den Hoef. Het ligt ingeklemd tussen de N511 aan de westzijde, de N512 aan de zuid- en oostzijde en de oude dorpskern aan de noordzijde. Aan de oostkant grenst tevens het bedrijventerrein van Egmond aan den Hoef. In het gebied zijn 190 woningen gebouwd, bestemd voor inwoners uit de eigen gemeente.

Plan Mosselaan is een planmatige uitbreiding, die louter bestaat uit woonbebouwing. De woningen worden door middel van water en groen van de Randweg afgeschermd. In dit gebied overheerst de rationeel opgezette nieuwbouw. Er zijn drie zichtlijnen loodrecht op de Randweg in het plan opgenomen voor het zicht op de bestaande kern. Deze zichtlijnen zijn ingericht met groen en water, die tezamen met het groen langs de Randweg de hoofdstructuur van de openbare ruimte in het gebied vormen. De rationele verkavelingsopzet en de aandacht voor de architectuur zijn belangrijke kwaliteiten. De woonstraten zijn door de oriëntatie van de woningen zeer stenig. De woningen zijn relatief dicht op elkaar en dicht op de straten gebouwd, waardoor er weinig sprake is van transparantie. De dichte bebouwingsvorm leidt wel tot een besloten karakter. Tevens is een strak rooilijnenpatroon aangebracht.

De gebouwtypen variëren: zowel rijwoningen, twee-onder-één-kappers, appartementen als vrijstaande woningen in het zuiden van het gebied. De woningen bestaan uit twee bouwlagen met een kap. Centraal in het plan hebben de boogwoningen die het cirkelvormige plein ontsluiten een afwijkende hoofdvorm gekregen: één bouwlaag, plat afgedekt met balustrade en een dakopbouw met tentdak. De appartementengebouwen zijn in drie lagen uitgevoerd en hebben een ringkap. Aan- en bijgebouwen komen zowel aan de zij- als achterzijde voor. Deze zijn teruggelegen ten opzichte van de rooilijn. Opbouwen komen ook aan de voorzijde voor. De rijwoningen hebben soms ook een erker. Voor aan-, op- en bijgebouwen geldt een trendsetter.

VII Plan Slot

Het gebied ligt ten noorden van de het beschermd dorpsgezicht van Egmond aan den Hoef. Het gebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Tiggellaan. Aan de oostzijde vormen de Prins W. Alexanderlaan en de Sabine van Beierenlaan de grens van het gebied. De noord- en oostzijde van het gebied grenzen tevens aan het landelijk gebied van de Bovenpolder. De N511 grenst ten westen aan het gebied. De zuidgrens wordt gevormd door het beschermd dorpsgezicht.

Het gebied is in de jaren zeventig en tachtig ontstaan door middel van planmatige uitbreiding. Het is een typisch woongebied, dat bestaat uit woonstraten en woonerven. Bovendien heeft het gebied een groene uitstraling door het openbaar groen van bomen, plantsoenen en water in de wijk. Ondanks de ligging aan het open landschap, is er tussen de bebouwde omgeving van het gebied en de onbebouwde omgeving van het aangrenzend landelijk gebied geen relatie. De woonblokken zijn redelijk dicht op elkaar geplaatst, waardoor het gebied een besloten karakter krijgt en de transparantie beperkt is. De afstand van de woningen tot de straten is beperkt en wordt bepaald door de grootte van de voortuinen. Het gebied kent een vrij strakke rooilijn.

De bebouwingstypen variëren: rijwoningen, twee-onder-één-kappers en een beperkte hoeveelheid vrijstaande woningen. De woningen hebben voornamelijk twee bouwlagen en een kap. De bebouwing is afwisselend in de lengterichting of haaks op de straat geplaatst. Kapvorm en kaprichting van de woningen varieert ook, maar meestal wordt gebruik gemaakt van het zadeldak. Soms is er een dakkapel aan de voorzijde van de woning geplaatst.

VIII Bedrijventerrein

Het gebied is redelijk klein en ligt ten zuiden van het beschermd dorpsgezicht van Egmond aan den Hoef en ten oosten van de Plan Mosselaan. Aan de noordzijde van het bedrijventerrein loopt de Lamoraalweg, aan de westzijde de Ambachtsweg en aan de zuidzijde de Hoeverweg. Het landelijk gebied van de Bovenpolder vormt de oostgrens van het gebied. De bedrijven op het terrein behoren tot de lichtere milieucategorieën.

De structuur van het gebied is helder en overzichtelijk en bestaat uit een viertal straten die loodrecht op elkaar staan. Het bedrijventerrein biedt plaats aan diverse soorten bedrijvigheid. Er is nauwelijks eenheid tussen grootschalige gebouwen. De rooilijn van de gebouwen is bij de garages strak en verspringt bij de overige bedrijfsbebouwing. De relatie tussen het bedrijventerrein en de omliggende gebieden (Plan Mosselaan en het beschermd dorpsgezicht) is ver te zoeken. Net als bij andere bedrijventerreinen is sprake van de typerende karakteristiek van grootschalige bebouwing die solitair op een kavel staat. De bedrijven staan op enige afstand van elkaar en van de weg.

De bebouwing bestaat uit veelal grote gebouwen met een bouwlaag en een plat dak. Ook zijn er lage bedrijfsverzamelgebouwen met een verdieping en kap gevestigd op het terrein. Verder is een aantal bedrijfswoningen op het terrein aanwezig. De entreezijde van de bebouwing is veelal op de weg gericht.

XV Landelijk gebied; polder

Het landelijk gebied binnen de gemeente Bergen beslaat het gebied buiten de kuststrook en de kernen. Het landelijk gebied is een typisch polderlandschap en wordt gekenmerkt door een open gebied en het bijbehorend perspectief op het silhouet van de duinenrij. Het gebied wordt gekenmerkt door de oorspronkelijke verkavelingsvormen. Het gebied dat onderdeel uitmaakt van het plangebied, ligt tussen de duinen en de kern Egmond aan den Hoef.

In dit gebied zijn enkele duinrellen aanwezig. Ze zijn uniek voor de binnenduinrand. Een duinrel is een gegraven, ondiepe watergang waarin kwelwater uit de duinen kan afstromen naar het lager gelegen land (vaak een polder). Karakteristiek voor een duinrel is dat er vrijwel het gehele jaar water over een zandige bodem stroomt en dat het water zoet, voedselarm en helder is. De inventarisatie van duinrellen is in 2010 uitgevoerd.

De duinrellen hebben in dit bestemmingsplan een beschermend regime gekregen in die zin dat de geïnventariseerde duinrellen (die in sommige gevallen niet meer feitelijk aanwezig zijn, maar wel in potentie) de bestemming Water hebben gekregen met een specifieke aanduiding voor duinrel.

Egmond-Binnen

IX Dorpskern

Het gebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Boonakkersteeg. Aan de oostzijde vormen de Kloosterweg en de Dom Huibenlaan de grens, waarbij het gebied aan deze zijde tegelijkertijd grenst het aan het landelijk gebied. Ten zuiden loopt de Hollanderweg en de Peperstraat vormt de westgrens van het gebied. De oude kern van Egmond Binnen is in de 9e eeuw langs twee wegen ontstaan: de Herenweg en de Abdijlaan / St. Adelbertusweg. Deze ontwikkelingsas is kenmerkend voor Egmond Binnen. Oorspronkelijk is Egmond Binnen een langwerpig geestdorp. Aan de oostkant van het gebied ligt de karakteristieke St. Adelbertusabdij (1934-1955); een massief gebouw met de nadruk op het gebruik van zware bouwmaterialen. De abdkenmerkend is voor de architectuur van de Delftse school. Komende vanuit zuidoostelijke richting vormt de abdij het beeldbepalende gezicht van Egmond Binnen.

Het gebied is een typische kleinschalige dorpskern met (vrijstaande) woningen, (detailhandel)winkels en een kerk en de Abdij. De gebouwen zijn grotendeels in de 19e en begin 20e eeuw gebouwd. De bebouwing is heel dicht op elkaar en dicht op de weg gebouwd. Hierdoor ontstaat er een besloten karakter. De overgang van de weg naar het trottoir is zeer precies gedaan. Op sommige plaatsen verspringt de rooilijn. De bomen langs met name de Abdijlaan zijn zeer beeldbepalend voor het gebied. Deze begroeiing zorgt voor een verscholen ligging van de Abdij ten opzichte van het centrum, waardoor het niet duidelijk is waar de ingang is. De Abdijlaan eindigt in de as van de Nederlands Hervormde Kerk, naast de Abdij.

Het aantal woningtypen varieert: van vrijstaande recent gebouwde woningen tot boerderijen en kleinere arbeiderswoningen. De bebouwing bestaat grotendeels uit een bouwlaag met kap. De kapvorm en –richting varieert. De hoofdgevel loopt evenwijdig aan de straat, waardoor de entrees van de gebouwen op de straatzijde zijn georiënteerd. Aan- en opbouwen komen zowel aan de voor-, zij, als achterzijde van de bebouwing voor.

X Zuidelijke uitbreiding

Het gebied vormt de zuidelijke entree van Egmond-Binnen. Het gebied ligt ten zuiden van de bijzondere uitbreiding van Egmond Binnen en ten oosten van de lintbebouwing van de Herenweg. Aan de noordkant wordt het gebied begrensd door de Vennewatersweg, aan de oostkant door de Limmerweg en aan de zuidkant door de Kruiskroft. De Samenweid vormt de westgrens van het gebied.

Het gebied is een typische woonwijk uit de jaren zestig en zeventig en bestaat uit woonstraten, woonerven en woonhoven. Het gebied heeft een eenduidige sfeer (woonwijk) en bebouwingskarakteristiek (doorzonwoningen langs woonstraten, woonpaden en woonerven). De bebouwing staat dicht op elkaar en dicht op de weg gebouwd. Het gebied heeft een groen en besloten karakter en een overzichtelijke, heldere ruimtelijke structuur. De relatie met het omliggend landelijk gebied is nihil. Alleen aan de randen is er een relatie met het landelijk gebied. Binnen de woonblokken kent het gebied een strakke rooilijn, terwijl het geheel een verspringend beeld geeft. Het gebied is redelijk groen en er is voldoende parkeergelegenheid. Parkeren vindt zowel op maaiveldniveau als in de garages, gesitueerd in de openbare ruimte, plaats. De kwaliteit van de garageblokken lijdt echter onder de wijze van situering van de garageblokken.

De bebouwing van het gebied bestaat uit rijwoningen en twee-onder-één-kappers; allen twee bouwlagen met een zadeldak. De kaprichting van de bebouwing varieert wel. Zowel aan de voor- als achterzijde van de woningen worden zo nu en dan dakkapellen (in dezelfde stijl) geplaatst. Aan- en bijgebouwen vinden bij de hoekwoningen aan de zijkant en bij de tussenwoningen aan de achterzijde van de woningen plaats. Wanneer er bij een hoekwoning geen bijgebouw is geplaatst, is deze gevel veelal blind.

XI Westelijke uitbreiding

De westelijke uitbreiding wordt aan de westkant begrensd door de Randweg (N512). De Herenweg vormt de oostgrens van het gebied. De noord- en zuidgrens worden gevormd door de plekken waar de bebouwing over gaat van bebouwd naar landelijk gebied.

Het gebied tegen de Randweg (N512) is een woonwijk die vanaf de jaren zestig is ontstaan. De woonwijken die tegen de Herenweg zijn gebouwd zijn in de jaren zestig en zeventig zijn gebouwd. De wijken bestaan uit woningen aan woonstraten met verspringende rooilijnen. De directe oriëntatie van de woningen op de straat en de parkeervoorzieningen op straat leiden tot een versteend aanzicht van het gebied. De bebouwing is afwisselend met lengterichting of haaks op de weg geplaatst. Toch zijn de entrees in veel gevallen op de straatzijde georiënteerd. De bebouwing is vrij dicht op elkaar en dicht op de weg gebouwd. Hierdoor krijgt het gebied een besloten karakter. De vrijstaande woningen langs de rand van het landelijk gebied zijn met hun voorzijde naar het landelijk gebied gericht.

Naast de woonbebouwing kent het gebied in de noordpunt het dorpshuis "De Schulp". Ten zuiden van de Sint Adelbertusweg worden de RK-kerk, het Kerkplein, de Kerklaan en de Hagendoornlaan als kenmerkende elementen aangemerkt. Woonzorgcomplex Heegemunde is door de gele kleurstelling een opvallend gebouw in het gebied.

De gebouwtypen variëren: rijwoningen, twee-onder-een-kappers en vrijstaande woningen. De bebouwing bestaat uit een of twee lagen met kap. De kapvorm en kaprichting van de bebouwing varieert. Dakkapellen komen zowel aan de voor- als achterzijde van de woning voor. In de achtertuinen of aan de zijkant van deze woningen is meestal een bijgebouw geplaatst.

XII Bijzondere uitbreiding

Het gebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Hollanderweg. Aan de oostzijde loopt de Dom Huybenlaan. Ten zuiden grenst het gebied aan de Vennewaterweg en aan de westkant vormen de Peperstraat en het lint van de Herenweg de grens.

Het gebied wordt benoemd tot bijzondere uitbreiding vanwege de karakteristieke jaren twintig en dertig architectuur die het gebied bezit. Het gebied heeft de eenduidige sfeer van een woonwijk met voornamelijk twee onder een kappers en losstaande woningen. Er is sprake van strakke doorlopende rooilijnen. De woningen zijn redelijk dicht op elkaar gebouwd en hebben een vrij kleine afstand tot de weg. Het is een kleinschalig gebied met een besloten karakter.

De woningen hebben allen een tuintje voor en achter en bestaan uit één bouwlaag met kap. De kapvormen en –richting varieert wel. Aan de voorzijde van de woningen zijn veelal dakkapellen geplaatst. Incidenteel komt een aanbouw aan de zijkant van de woning voor. Het stratenpatroon wordt ondersteund door de plaatsing van de woningen. De woningen staan overwegend met de lengterichting langs de straat en met de entree gericht op de straat.

XIII Lintbebouwing

De lintbebouwing van Egmond-Binnen valt in een tweetal gebieden uiteen. Het noordelijk lint behelst het gebied rondom de Herenweg en loopt aan de noordkant tot het Luilaantje en aan de zuidkant tot de Boonakkersteeg. Het zuidelijke deel van het lint bevat tevens het gebied rondom de Herenweg, maar grenst aan de noordzijde achter de bebouwing van de Abdijlaan en aan de zuidzijde tot de N512.

De hoofdstructuur van de Herenweg is een lint met een vrij ruim straatprofiel, met bebouwing aan weerszijden van de weg. De bebouwing bestaat naast de scholen, een peuteropvang en een bibliotheek voornamelijk uit vrijstaande woonhuizen en boerderijen. Incidenteel komen twee-onder-één-kappers voor. De bebouwing oriënteert zich op de weg. Op sommige plaatsen is er ruimte voor langsparkeren. De bebouwing staat in strakke, doorlopende rooilijnen op regelmatige afstand van elkaar. Hierdoor ontstaat een samenhangend beeld. De bebouwing staat vrij dicht op de (doorgaande) weg. Naast de oorspronkelijke bebouwing zijn er in de loop van de jaren hier en daar nieuwe woningen toegevoegd. De bebouwingsvormen variëren hierdoor aanzienlijk.

De woningen zijn zowel evenwijdig aan de weg als haaks op de weg geplaatst. Hierdoor varieert de kaprichting. Ook de kapvormen van de woningen variëren. De opbouwen zijn voornamelijk aan de voor- en zijkant van de bebouwing geplaatst; de bijgebouwen aan de zij- en achterkant van de bebouwing. Verder oriënteert alle bebouwing zich op de weg, waarbij de gevel evenwijdig loopt aan de weg. Een structuur die verder versterkt wordt door de entree die zich overwegend aan de voorzijde van de woning bevindt.

XIV Noordelijke uitbreiding

De noordelijke uitbreiding bestaat uit het plan Luilaantje. Dit is een woonwijk aan de noordoostkant van Egmond-Binnen. De woningen zijn in de jaren tachtig gebouwd. De afgelopen jaren is het aantal woningen langs de rand van het landelijk gebied gebouwd. Het gebied is krap van opzet, maar heeft een heldere ruimtelijke structuur van straten, woonerven en woonpaden. Het patroon van straten, woonerven en woonpaden wordt ondersteund door de plaatsing van de blokken. Bij de planmatige uitbreiding van de woningen uit de jaren zeventig is der sprake van strakke, doorlopende rooilijnen. Binnen het gebied komen op een aantal plaatsen blinde gevels voor. De oriëntatie van de recent gebouwde vrijstaande woningen op het landelijk gebied zorgt voor een sterke relatie tussen bebouwd en open gebied. Deze bebouwing is op vrij dicht op de weg, maar op enige afstand van elkaar gebouwd.

De aanwezige bebouwing in het gebied varieert. Er staan rijwoningen, twee-onder-een-kappers en vrijstaande woningen. De kapvorm en kaprichting van de blokken met rijwoningen varieert echter wel, zowel langskappen als dwarskappen komen voor.

XV Landelijk gebied

Binnen dit deelgebied valt uitsluitend de infrastructuur aan de randen van de kern.

2.2.2 Groenstructuur

De openbare ruimte wordt gevormd door de straatruimtes. De straten bieden ruimte aan rijbanen, parkeerstroken, trottoirs en soms boombeplanting. Verder komen er verspreid door de verschillende wijken meer kleinschalige openbare groenterreinen voor. De groenstructuur die in het plangebied aanwezig is, is niet erg omvangrijk. Het plangebied kent een aantal groene elementen. De meest opvallende zijn de recreatieparken tussen Egmond aan Zee en Egmond aan de Hoef en het gebied rondom het slot in Egmond aan den Hoef.

De ondergrondse maar ook bovengrondse condities voor het openbaar groen zijn niet gunstig in kern Egmond aan Zee. De bovengrondse condities hebben te maken met de nabijheid van de zee en de heersende westenwinden. In Egmond aan Zee is het effect van de zoute wind dan ook goed zichtbaar. Het openbaar groen in Egmond aan Zee bestaat relatief veel uit gras en sierheesters. Er komen maar weinig bomen en bosplantsoenen voor.

2.2.3 Archeologie

Analyse van het plangebied

Het plangebied kent een lange en rijke ontstaansgeschiedenis (zie ook paragraaf 2.1). Een deel van deze geschiedenis is terug te vinden in de bodem. Om deze archeologische sporen te waarborgen, gelden in het plangebied verschillende archeologische verwachtingswaarden.

Onderzoek

Beleidskaart

Op basis van verschillende bureauonderzoeken van de Stichting Steunpunt Cultureel Erfgoed Noord-Holland is een algemene beleidskaart opgesteld voor de hele gemeente Bergen, waarin de verschillende archeologische regimes zijn opgenomen. dit betekent dat bij werken en werkzaamheden in de bodem eerst archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd, voordat de werken en werkzaamheden kunnen starten. Afhankelijk van de verwachtingen, zijn de verschillende regimes opgesteld. In figuur 2.2 is een uitsnede van deze beleidskaart opgenomen. De van toepassing zijnde archeologische regimes zijn vertaald naar de regels door middel van de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie - 1, 2, 3 en 4'.

afbeelding "i_NL.IMRO.0373.BPG10000kernenegmd-B001_0003.jpg"

Figuur 2.2.: Uitsnede beleidskaart archeologie

2.2.4 Cultuurhistorie

Stolpen

Vanaf de 16e eeuw ontwikkelde zich de stolp als boerderijtype in Noord-Holland, met bijzondere kenmerken: inwendig een kubus, uitwendig een piramide. De stolp wordt gekenmerkt door een vierkante plattegrond en een groot piramidevormig dak, dat gedragen wordt door de zogenaamde vierkantconstructie; vier zware stijlen waarbinnen ook de hooiopslag plaatsvindt c.q. plaatsvond. Rondom het vierkant liggen het woonhuis, de stallen en de deel. Een enkele keer is het woonhuis als apart volume tegen de stolp aangebouwd. De deeldeur is aangebracht binnen het volume, waardoor een verhoging in het schuine dak ontstaat. Tot in de 20e eeuw is dit type gebouwd.

In het plangebied komt een aantal stolpen voor. Voor de stolpen is een beeldbepalende bescherming van belang. Een groot deel van de stolpen is niet meer in gebruik als boerderij, maar zijn wel beeldbepalend in de oude delen van de dorpen. Een aantal stolpen is aangewezen als monument en geniet op basis daarvan een beschermde status, maar voor de overige stolpen bestaat vooralsnog geen bijzondere bescherming. Uitgangspunt voor het bestemmingsplan is daarom het behoud en bescherming van de beeldbepalende waarde van deze stolpen. In het bestemmingsplan hebben de aanwezige stolpen een specifieke aanduiding gekregen. Bepaald is dat de verschijningsvorm niet mag wijzigen.

Voor stolpboerderijen geldt daarnaast een bijzonder welstandsniveau. Het welstandstoezicht moet eveneens een bijdrage leveren aan het maximaal behouden van de typerende verschijningsvorm van de Noord-Hollandse stolp. Wat betreft vorm en detaillering moeten de stolpen beschermd worden om het oorspronkelijke karakter te behouden.

Molenbiotoop

In het een polderlandschap hebben de molens een grote historische waarde. Een molentype zegt iets over de geschiedenis van een landschap. Binnen dat landschap is de molenlocatie zo gekozen dat de molen optimaal kan functioneren. De omgeving waarmee een molen in relatie staat, wordt de molenbiotoop genoemd. Een goede molenbiotoop is van fundamenteel belang voor de werking en het behoud van de molen. Voor het functioneren van een molen is een goede windvang van cruciaal belang. Maar dat is niet het enige. Molens vormen een karakteristiek en uniek Nederlands herkenningspunt in menig dorpsgezicht of landschap. En door de historische wisselwerking tussen molen en landschap is de molenbiotoop ook cultuurhistorisch van groot belang. Gebouwen en bomen in de omgeving kunnen de windvang van de molen beïnvloeden en de molenbiotoop aantasten.

Aan de Egmonderstraatweg 34 is op het achtererf een molen aanwezig. Deze Korenmolen van Egmond (of De Koffiemolen) is eind 1977 onttakeld van zijn wieken. Bij de afweging over een op te nemen molenbiotoop dient de cultuurhistorische waarde in acht te worden genomen: de vrije windvang en het zicht op de molen. De windvang van de molen is in de huidige situatie al ernstig verstoord. Vanaf de Egmonderstraatweg is het zicht op de molen zeer beperkt. Er is alleen een smal doorzicht vanaf de Egmonderstraatweg. Vanaf het achterliggende landschap (Delverspad, Nachtegalenpad, Herenweg) is het zicht op de molen op de molen nu beperkt: dit wordt veroorzaakt door (beperkte) opgaande beplanting die tussen deze wegen en de molen staat, maar met name door de grote afstand van deze paden en weg tot de molen. Daarom is ervoor gekozen in dit bestemmingsplan een beschermingszone op te nemen (molenbiotoop) die op maat gesneden is.

Monumenten

In het plangebied komen diverse monumenten voor, zowel rijks-, provinciale als gemeentelijke monumenten. De monumenten hebben in het bestemmingsplan geen aanduiding gekregen en zijn niet extra beschermd. Voor de monumenten geldt immers, op basis van de Monumentenwet 1988, reeds een wettelijke beschermingsregime. In vroegere bestemmingsplannen werd desondanks vaak een zogenaamd 'monumententeken' op de plankaart (thans verbeelding geheten) opgenomen. Nu de landelijke standaarden voor de inrichting van bestemmingsplannen, dit teken niet meer kennen, worden de monumenten in dit bestemmingsplan niet langer aangeduid. In onderstaande tabel 2.2 zijn de monumenten weergegeven waarbij onderscheid is gemaakt in gemeentelijke en Rijksmonumenten.

Tabel 2.2 Monumenten

adres   huis nr   plaats   omschrijving   naam   r/p/ g  
Egmonderstraatweg   34   Egmond aan den Hoef   korenmolen     R  
Herenweg   173   Egmond aan den Hoef   stolpboerderij     G  
Herenweg   188   Egmond aan den Hoef   pastorie     G  
Herenweg   190   Egmond aan den Hoef   kerk     G  
Julianaweg   23/25   Egmond aan den Hoef   woonhuis   de hoop   G  
Schoolstraat   bij 1   Egmond aan den Hoef   schuur     G  
Schoolstraat   8   Egmond aan den Hoef   pand     G  
Schoolstraat   31   Egmond aan den Hoef   hoekpand     R  
Slotweg   ongd   Egmond aan den Hoef   ruine slot egmond     R  
Slotweg   4 t/m 12   Egmond aan den Hoef   complex     G  
Slotweg   9   Egmond aan den Hoef   vm pastorie     G  
Slotweg   11   Egmond aan den Hoef   vm pastorie     G  
Slotweg   13   Egmond aan den Hoef   pand samen met 15 en 17     R  
Slotweg   15   Egmond aan den Hoef   pand samen met 13 en 17     R  
Slotweg   17   Egmond aan den Hoef   pand samen met 13 en 15   kapberg   R  
Slotweg   19   Egmond aan den Hoef   kerk nh   slotkapel bij 19   R  
Slotweg   bij 19   Egmond aan den Hoef   begraafplaats (oude deel)     G  
Slotweg   42   Egmond aan den Hoef   pand     R  
Slotweg   44   Egmond aan den Hoef   pand     R  
Slotweg   bij 46   Egmond aan den Hoef   gemeentehuis vm     R  
Weg naar de oude veert   2   Egmond aan den Hoef     de eenhoorn   G  
Weg naar de oude veert   3,5   Egmond aan den Hoef   pand     R  
Sportlaan   1   Egmond aan Zee   visrokerij     G  
Voorstraat   ongd   Egmond aan Zee   vissersmonument     G  
Voorstraat   69   Egmond aan Zee   busstation   rondo   G  
Voorstraat   41   Egmond aan Zee   bejaardentehuis   prins hendrikstichting   R  
Voorstraat   bij 41   Egmond aan Zee   erfscheiding   prins hendrikstichting   R  
Voorstraat   bij 41   Egmond aan Zee   tuin   prins hendrikstichting   R  
Voorstraat   49   Egmond aan Zee   woonhuis     G  
Voorstraat   112   Egmond aan Zee   kerk oud katholieken   st agnes   R  
Voorstraat   121   Egmond aan Zee   woonhuis/winkel     G  
Wiardi Beckmanlaan, dr   4   Egmond aan Zee   koloniehuis vm + hekpijlers   sint joseph   R  
Wilhelminastraat   12   Egmond aan Zee   kerk rk     G  
Zwartendijk   1   Egmond aan Zee   complex koloniehuis     R  
Zwartendijk   1   Egmond aan Zee   koloniehuis vm     R  
Zwartendijk   bij 1   Egmond aan Zee   ziekenpaviljoen     R  
Duinweg   1   Egmond-
Binnen  
jachtopzienerswoning     G  
Herenweg   60   Egmond-
Binnen  
woonhuis     G  
Kloosterweg   2   Egmond-
Binnen  
kerk nh     R